Getallen zijn soms heel belangrijk in kunst en het maken ervan. Dat is zeker zo bij het componeren. Er zijn componisten die zich overladen met tal van formules en reeksen (zie de hype midden de 20e eeuw rond de serialisten Boulez en Stockhausen). Soms zijn bepaalde traditionele zaken überhaupt aan een aantal wetmatigheden vastgeklonken. In de Goede Week naar Pasen toe is het publiek soms op zoek naar mooie kruiswegschilderijen. Kerken lopen niet meer vol voor hun missen, maar mensen zijn nog wel sterk gebrand op religieuze kunstschatten. De kruisweg telt sowieso 14 of 15 staties. De opeenvolging van beelden vertelt het lijdensverhaal van Christus. In deze paastijd werd in Langemark een nieuwe kruisweg van de hand van schilder Luc Hoenraet ingezegend. Zijn werk is doordesemd met kruisen. Toch blijft hij sober met vijf doeken. Geen vijtien dus, maar enkel vijf waarop hij de gesublimeerde versie geeft van deze lijdensweg. Het geheel kreeg een mooie plaats in de kerk van Langemark, die altijd voor het publiek openstaat.
Elk jaar wordt wel iemand van de groten der aarde in de bloemetjes gezet en meestal postuum. Bij de klassieke componisten is dit ook zo. Bach, Mozart, Wagner, Chopin... ik noem er maar een paar die om de zoveel jaar aan bod komen. Per jaar circuleren er wel langere lijsten met minder bekende namen en worden er werken van hen uitgevoerd. 2009 werd een Händeljaar, al is Felix Mendelssohn (geboren in 1809) ook geen van de minste. Händel was de evenknie van de grote Bach, ook geboren in 1685, maar niet gestorven in 1750 zoals Johann Sebastiaan. Hij hield het nog 9 jaar langer uit, tot in 1759. In Langemark wilde men de aankoop van een nieuwe kruisweg (zie artikel hierboven) toch niet zomaar laten voorbijgaan. Samen met het Davidsfonds wilde men er op paasmaandag een groots feest van maken. Hun oog viel op een uitvoering van de Messiah (het grootste werk van Georg Friedrich) door het Collegium de Dunis onder leiding van Ignace Thevelein. Een koor van een 30-tal zangers nam het op tegen een 12-koppig ensemble. Vier solisten namen de solorollen voor hun rekening. Dit oratorium heeft een lengte van twee en een half uur muziek dat werd onderbroken door een korte pauze. Het is evident dat het publiek niet altijd even aandachtig kon zijn tijdens zo'n lange uitvoering. Toch werd er weinig gekucht en werd er goed opgelet. De akoestiek van de St.-Pauluskerk is dan ook magnifiek. Alle toehoorders, zelfs op de laatste rij, konden ten volle meegenieten van het spektakel. Zelfs het mijns inziens te kleine ensemble kon de kerk goed vullen. Spijtig van de vele onvolkomenheden bij de beide violisten. Dit kon beter. Verder kwamen de houtblazers wat weinig uit de verf. De trompettisten waren dan wel weer heel goed en konden de slotpassage mooi kleuren. De uitvoering was technisch piekfijn in orde, al kon deze dan weer de verwachte tekstexpressie tijdens het lijdensgedeelte niet ten volle verklanken. Overheen dit prachtige werk ontstaat er door een tekort aan variatie in de expressie een afmatting bij de luisteraar. Ik werd maar één keer wakker geschud door wat verbale expressie bij tenor Jan Van Elsacker tijdens zijn aria vlak voor het overbekende Hallelujah, dat tevens wat punch miste. Anders waren de solisten wel in goede doen. Een gesmaakte sopraanpartij van Sarah Peire kon mij bekoren en de technische geroutineerdheid van altus Patrick Van Goethem ook.
Op vrijdag 24 april kwam voorwaar Pierre-Alain Volondat naar de Gotische zaal te Poperinge. De aanleiding was een huldeconcert ter ere van Patrick De Hooghe, pianist aan de Poperingse academie. Enkele leerlingen mochten de avond openen en speelden een puik programma. Nadien gaven beide profpianisten (Patrick en Pierre-Alain) enkele solostukken ten beste en eindigde het geheel met twee vierhandige werken van respectievelijk Schubert en Fauré. Volondat zal wel altijd het stigma blijven dragen van zijn optreden en overwinning in de Elisabethwedstrijd van jaren terug. De stijve hark is wel veranderd. Hij is wat aangekomen en speelt af en toe met wat humor op het podium. Het duo speelt al ettelijke jaren vierhandig piano. De zaal kon wat meer gevuld zijn. Het publiek was wel degelijk heel luisterbereid en enthousiast. Het was een unieke gelegenheid om deze toch grote naam uit het kleine pianistenwereldje te kunnen horen op de Schimmelvleugel van het stadhuis.
April: maand van één vis en vele grillen...
Op donderdag 5 maart stond een 20-koppig orkest op de planken in het Folk te Dranouter. Het Orchestre International du Vetex bestond hoofdzakelijk uit blazers (3 trompettisten, 1 bugelspeler, 3 trombonisten, 1 bastubaïst en suzafoonblazer, 1 baritonsaxofonist, een klarinettist en altsaxofonist, een gitarist, 2 accordeonisten en een paar percussionisten waaronder één der kleinste dames ooit op een podium. Een sensuele zangeres met een fluwelen altstem vervolledigde de groep. Van begin tot eind brachten ze spetterende muziek. Een klankmuur vol ophitsende ritmes, snel veranderende passages, syncopes en plotse versnellingen stond op het menu. Op een wit zeil werd een projectie gebracht die de muziek verplaatste naar de balkan. Alleen de belichting kon wat beter. Lichteffecten waren er bij de vleet, maar meestal gebeurde dit in een te donkere omgevingen met een te late plaatsing van de volgspots. Het orkest bestond uit vele nationaliteiten: Belgen, Fransen, Italianen, Serviërs en Bosniërs speelden er samen op los. 'Balkan Banquets' was een festijn vol verschillen. Een aankondiging op hun website gaat als volgt: Balkanmuziek is 'in', zoveel is duidelijk. Toch wil de voorstelling 'Balkan Banquets' veel meer zijn dan een concert dat voortborduurt op die vrolijke balkanhype. Met de voorstelling 'Balkan Banquets' gaat het Orchestre International du Vetex precies op zoek naar de niet voor de hand liggende clichés en gelijkenissen tussen België en de Balkan... Uiteraard met veel feestelijke en melancholische muziek, maar ook met filmbeelden, poëzie en typische gerechten! Voor 'Balkan Banquets' gaat Orchestre International du Vetex verschillende keren op stap in de Balkan. Ze gaan er samenwerken met muzikanten uit Servië en Bosnië, o.m. met Ivica Vucelja (Balkanto Vero) en enkele jonge muzikanten uit Mostar en Sarajevo. Het uitgangspunt is simpel: "Hoe correct zijn de vele clichés en vooroordelen die over de Balkan bestaan? Hoe belangrijk is muziek om wonden te helen? Hoe cruciaal zijn die verschillen tussen Serviërs en Bosniërs én welke rol speelt muziek daarin". En vooral: "Wat kan een grensoverschrijdend orkest als Orchestre International du Vetex, met Walen, Vlamingen en Fransen, leren van zijn Servische en Bosnische geestesgenoten". Hoe anders is het separatistische discours dat de voorbije jaren in ons eigen land steeds luider gaat klinken, van datgene dat de Balkan jarenlang in de greep had? Uiteraard zijn er verschillen tussen regio's en culturen, dat is maar goed ook, maar worden die verschillen niet veel te conservatief en angstig benadrukt? Is populaire feestmuziek niet dé manier om die verschillen net wat te gaan relativeren? Het resultaat wordt een fascinerende voorstelling met veel feestelijke muziek, maar ook met heel wat tristesse en nostalgie...naar vroegere tijden zonder pijn. Om de tijd die vaak te traag gaat, dan weer te snel op alles en iedereen inhakt. Voor 'Balkan Banquets' wordt het Orchestre International du Vetex uitgebreid met de muzikanten van Balkanto Vero en enkele jonge muzikanten uit Mostar en Sarajevo. De muziek wordt ondersteund door filmbeelden die worden gemaakt door jonge cineasten uit Kortrijk en Servië. Elk op hun beurt geven ze hun kijk op grenzen en hoe die al dan niet te overstijgen. 'Balkan Banquets' wordt vooral een feest! Een statement waarbij feestelijke muziek en kleurrijke fantasie een alternatief willen bieden voor een grijze samenleving waarin grenzen veel te statisch worden ingevuld...
Al enkele jaren spannen de muziekverenigingen samen om een Heuvellandweekend vol optredens in het Folk in Dranouter te organiseren. Op zondag was er om 11 uur een aperitiefconcert waarin leerlingen uit de academies van Ieper en Poperinge, die wonen in de kleurrijke gemeentes rond de prachtige heuvels aan de Frans-Belgische grens, mogen optreden. Meer dan 20 solisten en/of ensembles traden er op onder het organisatorische oog van coördinator Michael Pinket die ook de pianobegeleidingen verzorgde. Jonge muzikanten die amper nog maar enkele maanden hun instrument bespelen, deden de toehoorders in bewondering staan. De gevorderden brachten mooie vertolkingen van ingestudeerd werk. Gitaarorkest Guitaristiek o.l.v. Annelies Detru beet de spits af en een mooie afsluiter werd 'Oblivion' van Astor Piazzolla door accordeonist Ignace Braem. Alle participanten verdienen een grote pluim!
Hoeveel blaaskorpsen het Vlaamse land telt, weet ik niet. Het moeten er ontelbare zijn. En als de lentezon haar intrede doet, komen deze harmonieën en fanfares graag naar buiten. Zo ook de Speelschaar van het Stanislascollege (onder de leiding van J.M. Tahon - zie foto) te Poperinge. De kapel zat op een zaterdag midden maart afgeladen vol. De presentatoren hadden werk gemaakt van een uitstap met de boot. Het programma was doorspekt met uitheemse melodieën die met een cruise aangedaan konden worden. Het leerlingenkorps werd naar jaarlijkse gewoonte uitgebreid met oud-leerlingen en leraren. Ook een groep dansers kwamen op het einde de feestvreugde vergroten. En last but not least kwam zanger Franky Pluym en enkele vrolijke zangeresjes het slotlied zingen.